woensdag 26 november 2008

De ochtend.

Het is nog bitterkoud wanneer ik terug naar huis wandel. De auto liet ik achter bij mijn garagist die hem winterklaar gaat maken. Zijn jonge, Braziliaanse vrouw spreekt ondertussen goed Nederlands. Het is een jaar geleden, en ze ziet er gelukkiger uit dan vorig jaar rond deze tijd.

Ik laat de drukke straat achter mij en stap de velden in. Het gras kraakt onder de viervoeter zijn poten. Ik adem uit en blaas kleine wolkjes. Het doet me denken aan de tijd dat ik nog rookte. De zon, in al haar pracht, staat heel laag. Toch zie ik van ver de grote rookpluim achteraan het erf van de boerderij. In gedachten zie ik indianen aan hun wigwam zitten.

Door de glazen raampjes kan je binnen kijken in een, door de jaren verweerde, pracht van een serre. De mannen, boeren en vrienden al heel hun leven, zitten samen rond de kleine houtkachel. De ochtend van mannen. Waarover ze praten, weet ik niet. Als ik ze in de zomer voorbij wandel, staken ze hun gesprekken ook. Het maakt me nog nieuwsgieriger naar de inhoud. Zouden ze elke dag opnieuw lange gesprekken over het weer voeren?

Ik zal het nooit te weten komen. Mijn hand gaat wel spontaan de lucht in. Veel handen zwaaien terug. Ze kennen mij al. Even zou ik willen ruilen met de dikke poes die bovenop een oude zetel in de serre ligt. Spinnen van de deugd door de warmte. Luisterend naar het gemompel van de mannen, ongecensureerd hun verhalen volgen, zonder zelf iets te moeten zeggen...

4 opmerkingen:

Anoniem zei

ouwe rakkers me dunkt ;)

je ...

x

assyma zei

wat schrijf je mooi zeg! Ik ben behoorlijk onder de indruk. Ik kom zeker terug voor meer!
groetjes,assyma

Tricky zei

hm, ik heb ook altijd al een poes willen zijn, lekker soezelen aan de haard of op een schoot... ik krom mijn rug hier al...
tricky

She zei

Mooi weer, ik zie een soort van knus, jaren vijftig tafereel voor me.