dinsdag 20 maart 2012


6.20u en de zon stond juist boven de evenaar, hoor ik juist. Het begin van een astronomische lente. De dag doet die gebeurtenis alle eer aan, met de zon die volop haar best blijft doen. De elektriciteitsmeter loopt snel achteruit en zo verdienen we zelf onze energie. De veranda staat helemaal vol kleine potjes. Weer teveel gezaaid maar gelukkig kan ik op er op de ruilbeurs van Velt binnenkort mee terecht. Altijd weer anderen die blij zijn met Oost-Indische kers of Zinnia's en andere bloemen. En ik die dan weer op een ander kies. Een aanrader, zo'n beurs.


De bloemkool kon ik gisteren al opfrissen met vers geknipte bieslook. Het kan weer beginnen, een loopje door de tuin vlak voor het aan tafel gaan.

Voor het eerst heb ik gaatjes plastiek over enkele groentebedden. Het is er lekker warm onder en toch kan water aan de grond. Benieuwd of de wortelen en ajuinen zich vroeger dan anders laten zien.

Zie dat gebloem in de voortuin. Vers schors op de paadjes en de frambozenstruiken die overal aan het barsten zijn.

Elke dag gaat dat vooruit. Die sering, op weg naar een weelderige bloei.

De vijgenboom werd in het weekend gesnoeid. Eens proberen of de scheuten het achteraan in de tuin ook willen doen. Het is er altijd warm en zonnig. Stel u voor dat ik daar een vijgenterras kan maken.

De tuin heelt zoals altijd mijn druk bezette hoofd. Overgoten met zon is het helemaal zoals het moet zijn.

Dit weekend sleutelen we weer aan de klokken en dan zijn we vertrokken. Op weg naar lange avonden bij een zachtjes ondergaande zon.

maandag 19 maart 2012

Over zelfsencuur en gestoef.


Een inhaalbeweging van formaat moet ik maken. De gebeurtenissen van vorige week en een verkoudheid met veel gesnotter jaagden me vooral buiten. Ik wilde alleen maar in de lentelucht zijn en naar de weidsheid van de hemel kijken. Aan het witte blad op mijn computer wist ik niets vertellen. Al helemaal niet over mezelf.

Vandaag schrijf ik een einde aan mijn eigen wijvenweek. Over zelfcensuur en eigenstoef.

Vrijdag zou ik schrijven over iets wat u nog niet weet. Ondertussen is het maandagochtend en weeral zonnig. Het maakt een mens wakker en blij.

Anders dan de nachten die voor mij te donker zijn, met bijhorende gedachten. Zaterdag was er weer zo eentje. Met hartkloppingen schiet ik wakker uit een nachtmerrie die ik me al snel niet meer herinner. Vanuit half wakker zijn, zie ik nog juist de donkere vogel met zijn klauwen, en mijn rust, wegvliegen.

Dan wordt het wachten op een slaap die de eerste uren niet komt. Dat ken ik inmiddels. Hopeloos tel ik de uren af en staar in het donker. Als mijn jongens zich nog in het nachtleven bevinden, slaap ik niet meer tot ik twee keer het poortje aan het slaapkamerraam heb horen dichtslaan.

De nacht zou een tijd van rust voor lichaam en zinnen moeten zijn. Ik kan u verzekeren dat mijn eigen insomnia me regelmatig de duivel aandoet. Misschien moet ik het meer neerschrijven hier, kan therapeutisch werken. U weet het nu en aarzel vooral niet om mij bij deze te overstelpen met goede raad.

En dan nog iets. Iets wat ik best heroïsch vind van mezelf. 810 kilometer stappen over weg en door dal met een rugzak van 9 kilo. Op 9 april 2010 vertrok ik en liet alles en iedereen achter. De grootste aardverschuiving uit mijn leven. Maar heldhaftig was het wel. Nog een paar weken en dan vier ik de dag van vertrek weer. Een nieuwe feestdag voor de rest van mijn leven.


De dag is er bijna om aan te vatten. Eerst nog een tasje koffie en eens door de tuin wandelen...

vrijdag 16 maart 2012

Vrijdag, bijna elf uur.

'Kom terug'
Als ik die woorden eens zó zacht kon zeggen
dat niemand ze kon horen, dat niemand zelfs kon denken
dat ik ze dacht...

En als iemand dan terug zou zeggen
of desnoods alleen maar terug zou denken,
op een ochtend:
'Ja'

Toon Tellegen.

donderdag 15 maart 2012

Dromendag.

De zon die schijnt hier al volop en een dagje vakantie ligt voor mijn voeten. Wat een droom, zo’n dag tussendoor. Toch zie ik enkel kindjes in de sneeuw die zwaaien en ouders die nu verder moeten zonder. Niet makkelijk om vandaag over dromen te schrijven.

Dit schreef ik vanmorgen en dacht over de banaliteit van mijn woorden en wie er wat aan zou hebben. Daarom zette ik de computer terug af en stapte op weg naar buiten.

Voor negen uur vanmorgen was ik dus het terras aan het schuren. Ondertussen is het gras afgereden en de dahlia’s geplant. Het zonnige tafelkleed ligt op de tuintafel en verse primula’s kleuren het geheel helemaal af. Mats, de hond, die kronkelt in de zon en ik heb met hem over het verse gras gerold. Wij vinden dat fijn, de hond en ik. Het menu voor vanavond zit ook al in mijn hoofd. Ik maakte al een tas thee en nipte ervan in de zon. Hardop sprak ik de deugd uit tegen mezelf.

Deze alledaagse dingen zijn vandaag als een droom. Mijn eigen plek waar straks iedereen weer thuis komt en lekker aan schuift. Ik weet zeker dat er een toetje na komt.

Geen grote dromen voor mij en ook geen spijt over gemiste kansen. Huizenhoge ambities zijn mij nooit eigen geweest.

Op dit moment weet ik dat het voor veel vaders en moeders een droom is. Gewoon met heel je gezin aan tafel zitten. Praten, lachen over alles en niets.

Dit was mijn droomverhaal vandaag. Aangepast aan het gevoel dat leeft na de dag van gisteren.

woensdag 14 maart 2012

Een mening.

Terwijl ik met de grote rolstoel rijd, zie ik plots haar ogen die me doordringend aankijken. Ik herinner me het verhaal. Als kleuter sukkelde ze in een vijver en werd gedurende lange tijd gereanimeerd. Nu leeft ze al jaren in de instelling en kan niets. Als in: echt niets…

Het zijn die ogen waarin je denkt van alles te zien. Nooit zal je te weten komen wat er echt in hun gedachten speelt. Zijn er überhaupt nog gedachten? Of is het leven enkel een basale activiteit geworden?

Alles wat gebeurd ondergaan ze. Mensen in deze toestand leven in een andere dimensie. Van de dag in de nacht en zo naadloos weer over naar een nieuwe dag.

Hun actieve leven is stil blijven staan na een zuurstoftekort tengevolge van een trauma. Door intensieve zorgen van professionelen zijn ze niet gestorven. Tenminste, niet ‘echt’ gestorven.

Het gaat over meningen vandaag en dat ze mogen geprofileerd worden.

Vandaag vraag ik het me dus, in het kader van de wijvenweek op mijn eigen plek, af of het wel geoorloofd is om mensen, op weg naar de eeuwigheid, terug te halen. Welke reden kan groot genoeg zijn om ze de rest van hun leven in een soort van vegetatieve toestand te brengen?

Eigenlijk is het geen profilering maar eerder een maatschappelijke vraag waar we allemaal wel eens over na denken.

Leven zou altijd een keuze moeten zijn. Niettegenstaande het leven soms hard kan zijn, blijft het je eigen keuze om altijd weer op te staan, om door te gaan.

Dat gaat niet als je enkel met je ogen naar het plafond kan kijken. Starend naar het grote niets.

Zwart op wit kan ik hierover geen mening neerschrijven. Dit onderwerp bevindt zich nog altijd in een soort van grijze zone, omdat het zo onwezenlijk is. Wat ik wel doe is erover praten met mijn huisgenoot en kinderen. Of ze me dat alstublieft niet willen aandoen. Dat ze mij gerust mogen laten gaan op dat moment.

Er wordt heel goed voor deze mensen gezorgd in de instelling, zonder twijfel. Toch kan ik niet naast hen staan zonder erover na te denken. Waarschijnlijk maar de helft van wat mensen doorstaan die beslissingen moeten nemen. Over wel of niet leven.

Toch wil ik het zelf niet. Maar dat is enkel mijn mening.

Ondertussen het nieuws van de busramp vernomen. Uiteindelijk zijn dan alle meningen en woorden overbodig. Ik leef mee met ouders en familie.

dinsdag 13 maart 2012

Kleine kantjes.

Eerst maar even schrijven voor de wijven. In een oude slaapjapon, met prut in mijn ogen en een verse tas koffie bij de hand. De dag is wel begonnen maar nog niet toonbaar voor de buitenwereld. Waar ik aan denk van kleine kantjes is wat juist gebeurde. Dat ik de deur van het toilet laat open staan als ik moet terwijl ik alleen thuis ben.

Een heleboel andere van neuspeuteren naar scheetjes laten. Van doen alsof het proper is. In mijn binnenste een grote fuck vinger opsteken en niemand die het aan de lachende buitenkant ziet. Een begrijpende houding hebben terwijl je kapot gaat van spijt. Bij het Carrefour winkelen eerst even in het soort van simpele boekjes gaan kijken. Een hazenslaapje in het midden van een drukke dag, met hoofd onder een deken compleet...

Mijn voornemen om de stukjes voor de wijvenweek al op voorhand te schrijven, is ook de mist ingegaan. Tussen haakjes ook een kantje, dat uitstelgedrag.

U kent het vast wel, die vele en meer kleine kantjes. Ik verheug me op het herkenningsgewijs lezen bij de andere wijven.

Laat ik me vooreerst maar eens wassen en een proper onderbroek aantrekken. Zo duik ik een drukke dag in en denk al eens over het serieuzere schrijfsel van morgen.